Terug naar Tijdsbeeld       Terug naar Jan Rotger Buitenweg       Terug naar Edsko Jans Hekman  
 
T i j d s b e e l d
 

De Belgische Opstand

 
Twee van onze voorvaderen hebben deelgenomen aan de Tiendaagse Veldtocht,
t.w. Jan Rotger Buitenweg en Edsko Jans Hekman.
Op welke wijze en hoe lang de laatste hierbij betrokken is geweest, is moeilijk meer te achterhalen.
 
 
 
 
 
De Belgische opstand, die in 1830 uitbrak, veroorzaakte in het noorden grote verontwaardiging. Het uitroepen van de Belgische onafhankelijkheid op 4 oktober van dat jaar werd door koning Willem I beantwoord met een proclamatie waarin hij de Nederlandse natie te wapen riep.
De Groningsche schutters moesten zich in Nijmegen bij het leger voegen. Hun kolonel liet het gemeentebestuur echter weten dat het onverantwoord was de schutters te laten vertrekken, omdat hun uitrusting alles te wensen overliet.

Een inzamelingsactie onder de bevolking leverde in korte tijd genoeg "hemden, schoenen, onderbroeken, kousen of sokken, jassen en ransels" op om op 11 november de schutterij – bestaande uit 620 man, waaronder 252 vrijwilligers – naar het zuiden te laten vertrekken.  
 
 
 
 
Officier Groningsche Schutterij

Ondertussen bleven in Groningen de giften in geld en in natura toestromen. Daarmee konden ook studenten van de Groninger Hogeschool, die aan de strijd wilden deelnemen, van een passende uitrusting worden voorzien. Het enthousiasme onder de studenten was overweldigend en ook hun hoogleraren lieten zich niet onbetuigd. Samen met hun Franeker collega's vormden de vaderlandslievende Groninger studenten een Compagnie Vrijwillige Flankeurs van in totaal 157 man sterk. Twee hoogleraren gingen mee als tweede luitenant. De dappere vrijwilligers kregen helaas maar weinig Belgen te zien. Zij raakten slechts bij enkele schermutselingen betrokken, werden hoofdzakelijk door eigen mensen bij vergissing beschoten en hebben zich voornamelijk langdurig verveeld.

Door tussenkomst van Frankrijk en Engeland moest de succesvolle veldtocht tegen de slecht georganiseerde Belgen na 10 dagen worden afgebroken. Op 14 augustus trokken de studenten weer op Groningen aan, waar zij 30 september plechtig werden ontvangen en met eerbewijzen overladen. Voor de Groninger burgerschutters was het toen nog lang niet zover. De schutters hadden wel actief deelgenomen aan de strijd, waarbij vier van hen de dood vonden. Na de beëindiging van de vijandelijkheden werd, in afwachting van een definitieve regeling, het Nederlandse leger op oorlogssterkte gehandhaafd. Ook de Groningse schutters moesten in hun Brabantse kwartieren blijven. Het werden jaren van wachten en verveling.

In 1834 mochten de schutters eindelijk naar huis. Op 10 september, bijna vier jaar nadat ze hun stad hadden verlaten, trok het Bataljon Mobiele Schutterij Groningen weer binnen. De stad was feestelijk versierd en iedereen was uitgelopen om vaders, zonen en vrienden te begroeten. Ook de studenten van de Compagnie Vrijwillige Flankeurs, die sinds de veldtocht al weer drie jaren achter de boeken hadden gezeten, stonden aangetreden om hun wapenbroeders te verwelkomen. Trommel Groningsche Schutterij


Muziek: "A Tale of Distant Land" van Schumann